Wat de boer niet kent

Wat de boer niet kent

Jaren geleden kreeg ik een hevig verontwaardigde meneer aan de deur die zich bijna verslikt had in zijn zojuist verorberde loempia. Toen hij hierin beet, had de loempia teruggebeten en het corpus delicti hield hij mij onder de neus. Volgens hem was dat de tand van een rat en of ik dat maar even wilde bevestigen. Ik draag de plaatselijke Chinees een warm hart toe

en heb hem proberen te kalmeren, maar goed, zijn verontwaardiging was enigszins te begrijpen. Wat het ook was, het hoorde niet in een loempia thuis. Dat we met z’n allen wel vaker iets naar binnen zitten te muizen zonder te weten wat we nou eigenlijk eten, daar kunnen we gevoeglijk wel vanuit gaan. Tijdens mijn studie kreeg ik coupes onder de microscoop geschoven die gemaakt waren van frankfurters, u weet wel, die worstjes die u altijd zo smaakvol naar binnen laat glijden. Het was een prima manier om je eigen te maken met de structuur van diverse organen zoals baarmoeder, schildklier, testikels, alvleesklier, bedenk het maar. Zo zit de wereld nou eenmaal in elkaar, we gooien niets weg, we kunnen alles gebruiken. Als je denkt dat je op een runderbiefstuk zit te kauwen, dan heb je een paard in de mond. Om maar te zwijgen van die Londense lamscurry waarvan men niet weet wat voor vlees erin zit. Het is geen rund, paard, kip, lam of varken. En, zeer geruststellend, het is ook geen mensenvlees. Mogelijk kat of hond. Als zou blijken dat de restaurateur bij wie dit is vastgesteld, er een gewoonte van maakt om zo nu en dan een hond in de pot te stoppen, dan kan hij in ieder geval nog rekenen op enige Aziatische klandizie. In dat werelddeel rijgen ze wel vaker een hond aan het spit. Als daar in een stadion ‘hondenlul’ gescandeerd wordt, dan komt dat niet van een fanatieke voetbalsupporter maar dan is het de nijver neringdoende worstenverkoper die zijn waar probeert te slijten. s Lands wijs, ’s lands eer, dat geldt natuurlijk ook voor eetgewoontes. Pens, wij voeren het misschien aan de hond, in Frankrijk eten ze het lekker zelf op. En wij moeten niets hebben van een stukje gebakken walvis, in IJsland halen ze er hun neus niet voor op. Maar misschien zijn ze daar wel uitgekookter dan wij. Als je maar vaak genoeg een paar kuub walvisdarmen bestelt, kom je wellicht vanzelf een keer een brok amber tegen. Dat schijnt zoveel geld op te brengen, dat je vanaf dat moment lekkerbekkend en onbeperkt in de duurste restaurants kunt gaan eten. Om je tegoed te doen aan zwezerik of kikkerbilletjes. Wat zegt u? Kijk, dat bedoel ik nou, wat de boer niet kent…

 

Submit to FacebookSubmit to Google PlusSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn

Aanmelden nieuwsbrief

Dierenartsenpraktijk Oost Betuwe   Lingewal 2a   6681 LJ Bemmel    tel: 0481 - 461627 info@dap-oost-betuwe.nl