Mannetje vrouwtje

Mannetje vrouwtje

Op het moment dat die meneer de spreekkamer binnenstapte, vulde de ruimte zich met een lucht van alcoholdampen waar je zonder enige moeite tegenaan kon gaan leunen. Hij ging bij de behandeltafel staan, die in een klap weer ontsmet was, en haalde een jonge kat uit het mandje. “Dit is Gijs, dokter, hij moet geënt worden.” Gijs kwam als rood katertje de spreekkamer binnen en ging even later als rooie poes weer naar buiten.

Niet dat ik over bijzondere gaven beschik die zo’n verandering a la minute mogelijk maken, verre van dat, maar het was nou eenmaal een poes terwijl meneer ervan overtuigd was dat een rooie kat altijd een katertje is. Of hij zich dat, gelet op zijn benevelde toestand, nu nog weet te herinneren, waag ik te betwijfelen. Maar, ook al zou hij wel serieus naar het geslacht gekeken hebben, het kan bij een kitten soms lastig te zien zijn of je nou een poes of een kater in de hand hebt. Bij een schildpadkleur, een lapjespoes zeg maar, kun je wel met zekerheid aangeven wat het is, deze kleur is namelijk wel geslachtsgebonden. Bij vogels is geslachtsbepaling helemaal lastig. Beide geslachten hebben een cloaca die uiterlijk hetzelfde is. De cloaca is de gezamenlijke opening voor zowel de geslachtsorganen als het maagdarmkanaal. Als de buitenkant van beide seksen identiek is, ben je zo mogelijk aangewezen op DNA-onderzoek. Dit kan uiteraard met een bloedmonster maar het kan ook vrij simpel met wat veren als onderzoeksmateriaal. Dit is sowieso minder gestress voor zo’n dier dan een endoscopisch onderzoek, waarvan menig vogel, om maar even in de sfeer te blijven, zal balen als een reiger. Bij eendagskuikens kun je proberen te seksen door met je duim op de buik te drukken en op die manier de geslachtsopening naar buiten te laten puilen. Ik heb het ooit gedaan maar ik moet u eerlijk bekennen dat deze handeling, indien door mij verricht, al gauw op dierenmishandeling begint te lijken. Konijnen worden ons ook vaak aangeboden met de vraag of het nou een vrouwtje, een moer, of een mannetje, een ram, is. Rammen hebben over het algemeen vrij grote testikels, dus zo’n toer zou het niet moeten zijn om die te zien zitten. Wat het soms lastig maakt is dat een ram deze zo fijn kan verstoppen door ze in de buik op te trekken. Even schudden voor gebruik dus. Met kuikens mag ik dan moeite hebben, muizen zijn achteraf gezien ook niet mijn sterkste punt. Tijdens mijn studietijd heb ik ooit een muis meegenomen vanuit het lab waar ik destijds werkte. Een mannetje, zo dacht ik. De volgende dag werden we verrast met een heel nest jonge muizen. Wat doe je in zo’n geval? Natuurlijk, proosten op het prille geluk, wat dacht u dan. Ik vraag me af, zou die meneer van die jonge kat thuis ook zoveel muizen hebben?

Submit to FacebookSubmit to Google PlusSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn

Aanmelden nieuwsbrief

Dierenartsenpraktijk Oost Betuwe   Lingewal 2a   6681 LJ Bemmel    tel: 0481 - 461627 info@dap-oost-betuwe.nl