Geen biet alsjeblieft

Geen biet alsjeblieft

Er stapte een ouder echtpaar de spreekkamer binnen. Nou ja, stappen, het was eigenlijk meer schuifelen. Ze hadden een jonge hond aan de riem, formaatje Pekinees. Hij leek hier ook wel wat op maar was toch duidelijk een mengelmoesje, zo eentje van het soort waar die laaielichters uit de hondenhandel pakweg 400 euro voor vragen en het gek genoeg vaak nog krijgen ook. Zijn naam ben ik even kwijt, maar het leek wel wat op Dinges.

Ik gaf het echtpaar een hand en stelde mij voor. “Werkt u hier al lang?” vroeg één van hen, “ik heb u nog niet eerder gezien.” Mooi vind ik dat, als je zo’n vraag stelt aan iemand die ergens al dertig jaar lang rond stiefelt. Maar, eerlijk is eerlijk, ik kende hen ook niet, ik kon ze moeilijk iets kwalijk nemen. Ik beantwoordde hun vraag en vroeg hen waarmee ik ze van dienst kon zijn. Dinges was 4 maanden oud dus je verwacht een verzoek om hem even goed na te kijken, in te enten, wat informatie te geven over wormbestrijding, wel of niet castreren, voeding, dat soort zaken. “Heeft Dinges een paspoort?” vroeg ik. Dat vonden ze, zo te zien aan de manier waarop ze mij aankeken, maar een rare vraag. Ach ja, dat krijg je met die pasbeginnende dokters, die stellen wel eens een niet ter zake doende vraag. Wat moet je met een paspoort als je hond komt voor een bultje, zeg nou zelf? Dus, niks niet enting. “Aha, een bultje”, zei ik, en zette ondertussen het dier op tafel. Onder de buik zat een kleine vetbobbel, ter hoogte van de navel, het resultaat van een hele kleine navelbreuk. “Daar kan de hond heel oud mee worden, hoor, we kunnen het herstellen, maar dat hoeft voorlopig niet. Het kan bijvoorbeeld heel mooi tegelijk met een sterilisatie gebeuren” zei deze argeloze, veelbelovende jonge dokter. Het was zo’n beetje het laatste wat ik tegen hen gezegd heb want vanaf dat moment waren zij aan het woord. Sterilisatie? Ze schudden eens meewarig het hoofd en begonnen te vertellen over hun vorige hond. Die was 18 jaar geworden en had nooit een dokter gezien. Nooit ziek geweest, nooit geopereerd, nooit geënt. “Dat was toch zo’n makkelijke hond, die lustte zowat alles”. Ik heb het brave dier niet gekend, maar dat hij vrijwel alles opat wat hem werd voorgezet, dat maakte dit dier op slag sympathiek. Gewoon alles opeten, daar hou ik wel van. “Behalve bietjes”. Hoorde ik het goed? “Het was zelfs zo sterk, als hij iets kreeg op een bordje waar bietjes op gelegen hadden, dan liet hij het mooi staan.” Zei ik sympathiek? Ik heb me te zwak uitgedrukt. Deze is hond is postuum gewoon een hond naar mijn hart. Bietjes? Kom op zeg.

Submit to FacebookSubmit to Google PlusSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn

Aanmelden nieuwsbrief

Dierenartsenpraktijk Oost Betuwe   Lingewal 2a   6681 LJ Bemmel    tel: 0481 - 461627 info@dap-oost-betuwe.nl